|
|
|
art. 1 Indien de CLB-medewerker geconfronteerd wordt met verschillende belangen, m.n. deze van de cliënt, de familiale context, de school, de maatschappij, stelt hij in principe deze van de leerling centraal. Dit is telkens weer af te wegen in elke specifieke context. art. 2 De CLB-medewerker bewaakt zijn autonomie en informeert alle betrokkenen waarom het uitvoeren van zijn opdracht deze autonomie vereist. De autonomie is voor het CLB decretaal vastgelegd als werkingsbeginsel, teneinde het belang van de leerling centraal te stellen, de nodige objectiviteit te bewaren, de vertrouwensrelatie te respecteren, en steeds een bemiddelingsfunctie te kunnen waarnemen. art. 3 De CLB-medewerker informeert de school over de redenen waarom het voor het CLB bestemde lokaal voldoende privacy moet toelaten. Het CLB engageert zich om er naar te streven dat alle vestigingen voldoende privacy bieden voor het ontvangen van cliënten. We duiden daarbij privacy als belangrijk omdat face to face gesprekken of onderzoeken voor de hulpvrager vaak een confrontatie inhouden met de eigen intimiteit en als bedreigend kunnen ervaren worden. Het CLB personeel is getraind om met deze emotionaliteit om te gaan en is zich bewust van de impact van zijn tussenkomsten. Dit moet kunnen gebeuren in een empatische, veilige sfeer waarbij een vertrouwensrelatie opgebouwd wordt, er niet gestoord wordt, en geen derden aanwezig zijn. art. 4 De CLB medewerker waakt erover dat indien zijn persoonlijke betrokkenheid de professionele relatie dreigt te overstijgen, teamleden of andere collega’s ingeschakeld worden. Hij is er zich van bewust dat de eigenheid en missie van het CLB primeren op zijn “persoonlijke relaties” (b.v. vriendschapsrelaties, familiebanden…). art. 5 De CLB medewerker zoekt ten allen tijde een evenwicht tussen goede relaties met scholen en het kunnen afstand nemen met afbakening van grenzen. Hij streeft naar een goede verstandhouding met zijn scholen maar blijft daarbij uitgaan van het feit dat de leerling zijn prioritaire klant is.
art. 6 De CLB-medewerker brengt fundamenteel respect op voor de expertise van de cliënt in de eigen situatie of het eigen probleem, mede vanuit de missie van CLB 9. art. 7 De CLB-medewerker duidt het mogelijke hulpaanbod en bespreekt op een voor de cliënt begrijpelijke manier de eventuele voor- en nadelen ervan. De beslissing ligt bij de cliënt die op dat moment zijn instemming geeft. Slechts uitzonderlijk, wanneer op meerdere uitnodigingen niet gereageerd wordt, kan een advies schriftelijk gemeld worden in een begrijpelijke taal die bovenstaande principes van draagkracht, eigen expertise, zelfsturing niet schaadt. art. 8 De CLB-medewerker, die gebonden is door het beroepsgeheim, werkt in de school samen met leerkrachten die gebonden zijn door het ambtsgeheim. Daarom kent hij het verschil tussen de geheimhoudingsplicht van de ene en de discretieplicht van de andere. art. 9 De CLB medewerker is zich bewust van de gevaren die het niet respecteren van het beroepsgeheim met zich mee kunnen brengen. Hiertoe zal een reflectieforum, gedragen door de cel deontologie en beroepsgeheim, de alertheid levendig houden art. 10 De cliënt wordt ten allen tijde de garantie geboden dat het gesprek met het CLB vertrouwelijk blijft behalve wanneer het in het belang van de cliënt is om bepaalde gegevens met anderen te bespreken. In dat geval wordt gestreefd naar geïnformeerde toestemming van de cliënt om dit te doen. Derden kunnen enkel aanwezig zijn mits instemming van de cliënt – instemming moet dan vrijwillig en zonder enig gevoel van dwang gebeuren. art. 11 Klachten over onze werking worden behandeld volgens de beschrijving in de klachtenprocedure PR MA ALG 03. art. 12 Wanneer we klachten krijgen van ouders over bepaalde leerkrachten wordt gehandeld volgens de klachtenprocedure PR MA ALG 03.
art. 13 Het CLB ontwikkelt en implementeert een visie over multidisciplinaire en interdisciplinaire werking waarbij de multidisciplinariteit van het team als een meerwaarde beschouwd wordt. De multidisciplinariteit laat toe het kind in zijn totaliteit te benaderen: problemen zijn vaak multifactorieel en dus ook discipline - overstijgend. Multidisciplinariteit bevordert bovendien een adequate verdeling van de taakbelasting, helpt een te grote betrokkenheid te voorkomen en maakt een betere doorverwijzing mogelijk. art. 14 Het CLB informeert de school over welk traject een vraag volgt binnen het CLB en welke rol de multidisciplinaire en interdisciplinaire werking daarin speelt. Aldus zorgt het CLB ervoor dat de school vertrouwen heeft in de wijze waarop een vraag opgenomen wordt. art. 15 De CLB-medewerker overlegt met alle betrokken partijen in een sfeer van luisterbereidheid, openheid, vertrouwen, erkenning van elkaars deskundigheid, met respect voor ieders eigenheid of/en professionaliteit. art. 16 De relatie tot collega’s in het algemeen en tot collega’s van CLB 9 in het bijzonder kenmerkt zich door respect, bereidheid tot uitwisseling van kennis en verantwoording van de eigen werkzaamheden. Er is eveneens bereidheid om elkaars tekortkomingen te onderkennen, en deze te bespreken zodat we elkaar steunen in het groeien naar een steeds betere beroepsuitoefening. art. 17 CLB-medewerkers die een onderling conflict hebben, pogen de meningsverschillen uit te praten. Wanneer dit niet lukt erkennen zij het conflict en maken afspraken om de werkrelatie in stand te houden. Zij zetten andere collega’s niet aan om partij te kiezen. Zij houden er rekening mee dat het gemeenschappelijk belang van een goede werking van het centrum, het individuele belang overstijgt. De andere collega’s en de directie onthouden zich van partijdigheid. Zij brengen begrip op voor de individuele standpunten van de betrokkenen, voor zover deze het hoger belang van het centrum niet in het gedrang brengen. Indien door het conflict het gemeenschappelijk belang dreigt fundamentele schade op te lopen, neemt de directie maatregelen die hieraan een einde stellen. De directeur schat eveneens in vanaf wanneer het gedrag van 1 personeelslid t.o.v. een ander dreigt over te gaan in pesten en neemt preventief onverwijld maatregelen. Indien deze maatregelen onvoldoende effect hebben neemt de directie sanctionerende maatregelen volgens het DRP. art. 18 De CLB medewerker maakt optimaal gebruik van de aanwezige infrastructuur. Hij respecteert de financiële inspanning van het centrum voor de didactische uitrusting en materiaal en de inspanningen van de collega’s uit het project orthotheek / testotheek / bibliotheek / informatheek. Hij
gaat op een respectvolle wijze om met deze materialen en uitrusting: dit houdt
in dat we niet verkwisten en dat we de wijze van ordenen zoals beschreven in de
procedure orthotheek/testotheek/bibliotheek/informatheek respecteren zodat
de materialen beschikbaar blijven voor alle collega’s.
|
|
Laatst bijgewerkt: 31 augustus 2011 |